Het startschot klinkt. Een flitsende start volgt. In een onnavolgbaar gemak gaat hij rond. De mensenmassa mengt zich in de orkaan van oorverdovende ovaties. Ronde na ronde pakt hij tienden van seconden. Dan in een ooghoek dat vingertje. Een schreeuw brengt hem in verwarring. Een pion duikt op. Een noodsprong in het duister volgt. Het wordt stil om hem heen. Hij vecht tegen beter weten in. Heel even, heel even maar, waant hij zich de winnaar. Maar dan is het over en uit.
De campagneleider zit achter zijn bureau. De verkiezingsstrategie is bepaald. Kranten worden samengesteld. Folders worden gemaakt. De lokboodschap wordt in elkaar gezet. Interviews volgen elkaar in een rap tempo op. De stemming stijgt. De mensen juichen. Het kan niet meer verkeerd gaan bij de stembus.
Nog één debat. De zaal stroomt vol. De lijsttrekkers hebben er zin. De onderwerpen zijn bepaald. De messen zijn geslepen. En dan, die ene mededeling uit Den Haag. Het kabinet is gevallen. Ze vechten nog over de schuldvraag. Het debat neemt een onverwachtse wending. Weg is alle positieve inspanning van de afgelopen periode. Weg is alle euforie over de grootste worden. Het wordt stil.
Het leven hangt nog steeds van momenten aan elkaar. Schiet je de strafschop er in dan ben je de held. Mis je hem dan overkomt de hoon je. Zo zit het leven nog steeds in elkaar. Positieve gevoelens bouw je langzaam op. Het afbreken gaat heel snel.
Op 3 maart gaan jullie naar de stembus. Op 3 maart kiezen jullie een nieuwe gemeenteraad. Er zal gejuicht worden in het ene kamp. Het andere kamp zal stil worden. De deceptie voor die schaatser voelen we allemaal. Dit gunt niemand hem. Hij huilt uit bij zijn geliefden. De verliezende kandidaten huilen uit bij elkaar.
Maar bij wie kan ik uithuilen? Wie stelt een brede schouder beschikbaar voor
Good Old Bles